
De stilte versus de herrie
ColumnDoor // Karin Jongsma
Vanmorgen was Buitenhof veranderd in een sprookjeslandschap. Maite, mijn Noorse boskat, bekijkt het vanuit het open keukenraam. Ze kan het meer dan waarderen, de stilte, de rust, het smetteloze wit van de sneeuw.
Gisteren, dinsdag 6 januari, ik heb geen keus, ik moet eropuit. Angstvallig houd ik het weerbericht in de gaten. In de middag rond een uur of twee lijkt het beste moment. De zon schijnt volop. Ik hoop dat de enorme laag sneeuw op mijn auto dan zo goed als weg is of minstens makkelijk te verwijderen.
Met opgewekte tegenzin ga ik om kwart voor twee naar beneden, niet in één beweging, de buren zijn druk bezig de sneeuw, c.q. ijslaag van de galerij te halen. De buurman geeft aanwijzingen aan mijn buurvrouw en vertelt wat de beste manier is. Ik blijf staan, we kletsen, over de jaarwisseling, over het weer. We wensen elkaar gelukkig 2026.
Eenmaal beneden bij mijn auto word ik geconfronteerd met een sneeuwauto. Gewapend met een veger en trekker ga ik aan de slag. Eerst de deur aan de bestuurderskant, want, bedenk ik me, het is wel handig om te weten of ik de deur open kan krijgen en of ‘ie start. Het zou niet de eerste keer zijn dat ik op de ANWB moet wachten om het ding aan de praat te krijgen. Maar ik kan zo de deur openen, ja, die 3 graden in de plus helpt echt. En de auto start zonder problemen. Ik zet hem nog even uit. Ik ben halverwege, met ondertussen handen die zeer doen van de kou, als mijn buurvrouw op komt dagen, met haar veger. Samen maken we mijn auto zo sneeuwvrij als kan. We kletsen vrolijk verder en ik voel me dankbaar en blij.
Maite, ze kijkt uit over de witte wereld deze ochtend, 7 januari. Ze kijkt en lijkt te zeggen: ‘Fijn hè, de stilte.’ De weken voorafgaand aan oud en nieuw geven een ander beeld. Ik hoor mezelf denken met de enorme knallen: toch fijn dat we een oefening krijgen om aan de voorspelde oorlog te wennen. Mijn katten hebben een hele week nodig om bij te komen van de herrie. Ze staan wekenlang stijf van de stress.
Voor de duidelijkheid: ik ben niet tegen vuurwerk. Als kind kon ik enorm genieten van de magie van de sterretjes die ik vasthield. Zo jammer dat de traditie de oorspronkelijke betekenis is kwijtgeraakt. Vuurwerk is er om het oude jaar uit te luiden, alle spoken weg te jagen en dan is het klaar. Afgelopen jaar, 2025 is - laat ik het rustig zeggen - flink uitgeluid. Ik hoop oprecht dat met deze herrie alle narigheid is verjaagd.
Als mijn auto schoon genoeg is bedank ik mijn buurvrouw voor haar hulp, we lachen en we zwaaien. Echt waar: de Buitenhof is en blijft een fijne plek om te wonen.










