
Wonen in de Buitenhof
AlgemeenBeleef het leven in Buitenhof. Karin schrijft over het dagelijks leven en de kleinste avonturen in Buitenhof.
Wonen in de Buitenhof gaat de laatste jaren gepaard met lawaai. ‘Wat zeg je? LAWAAI!”
Oh, lawaai…
Er wordt flink getimmerd en vertimmerd in de wijk. En ja, dat gaat niet zonder lawaai. Met de tijd word ik daar een soort van doof voor. Ik hoor het wel, maar het stoort me in de meeste gevallen niet meer. Het brein is in staat tot grote daden. Heel soms is er dan toch het moment dat ik het niet meer trek. Geïrriteerd zet ik mijn koptelefoon op en luister naar mijn eigen ‘lawaai’, in de meeste gevallen muziek en favoriet is Chet Baker. Chet zorgt voor rust in mijn hoofd.
De grootste lawaaischopper is de gemeente Delft wanneer het gras weer gemaaid moet worden en boomtakken verwijderd. Die machines maken stomweg het meeste lawaai. Maar hé, wij Buitenhovenaren genieten dag in en dag uit van het bos voor en achter. Je moet er wat voor over hebben. In alle eerlijkheid: ik vraag me dan af of alle dieren in en tussen de bladeren er dan goed van afkomen. Ik heb geen idee.
Lawaai…
Ik hoor vaker de kleinste kinderen van de flat spelen op de galerij. Ik word daar blij van. Elke minuut buiten is tegenwoordig meegenomen. Ik hoor ze lachen en ja, ze rennen. Mij klinkt het als muziek in de oren. Ze zijn te jong om naar buiten te gaan, de straat op. Tot mijn grote schrik kreeg ik een bericht van de woningbouw. Er was geklaagd over het lawaai van spelende kinderen op de galerij en dat ik het moest melden als het weer zou gebeuren. Ik val van mijn stoel, mijn broek zakt af, mijn mond valt open. Ik snap hier niets van. Ik woon hier nu 30 jaar en nog nooit in die 30 jaar is er ooit één onvertogen woord gevallen over spelende kleintjes op de galerij. Ik hoop echt dat dit een vergissing is. Een moment van te veel ander lawaai en dus te veel stress.
Nog nooit heb ik iemand naar buiten zien hollen om de gemeentelijke tuinmannen te stoppen in hun lawaaimachines…
Kinderen, alles van waarde is kwetsbaar. Heus, de flat kan als een dorp voor de kleinsten zorgen, ik hoop op een verandering van gedachten in deze.









